RIC, NIC & PIC
Kies zelf welke onderdelen je wilt oefenen.
Wat wil je oefenen?
Vink één of meerdere onderwerpen aan.
Hoe wil je oefenen?
Kies hoe de vragen samengesteld worden.
RIC, NIC & PIC uitgelegd
Klik op een onderdeel om de uitleg te bekijken.
01 Wat is een indexcijfer? +
Een indexcijfer laat zien hoe iets is veranderd ten opzichte van een basisjaar.
Het basisjaar krijgt altijd het indexcijfer 100.
Een indexcijfer van 108 betekent dat iets met 8% is gestegen ten opzichte van het basisjaar.
02 NIC — Nominaal indexcijfer +
Wat is NIC?
Het nominale indexcijfer laat zien hoe een bedrag, bijvoorbeeld een inkomen, in euro's is veranderd.
Een NIC van 108 betekent dat het nominale inkomen met 8% is gestegen.
Let op: bij het nominale inkomen is nog geen rekening gehouden met de verandering van de prijzen.
03 PIC — Prijsindexcijfer +
Wat is PIC?
Het prijsindexcijfer laat zien hoe het prijsniveau is veranderd ten opzichte van het basisjaar.
Een PIC van 112 betekent dat het prijsniveau met 12% is gestegen.
Het PIC wordt vaak gebruikt om inflatie te berekenen.
04 RIC — Reëel indexcijfer +
Wat is RIC?
Het reële indexcijfer houdt rekening met de verandering van de prijzen. Hierdoor kun je bijvoorbeeld bepalen hoe de koopkracht is veranderd.
Een RIC boven de 100 betekent een stijging van het reële inkomen. Een RIC onder de 100 betekent een daling.
05 De drie formules +
06 Van indexcijfer naar procentuele verandering +
Om van een indexcijfer naar een procentuele verandering te gaan, trek je 100 af.
RIC = 104
104 − 100 = 4%
Het reële inkomen is dus met 4% gestegen.
Bij een indexcijfer van 97 is de verandering:
Het inkomen of prijsniveau is dan dus met 3% gedaald.